Bij de laatste keer 24 uur urine verzamelen kwam ik uit op een volume dat ik hier niet durf te noemen. Ik ben daarom begonnen met minder water drinken. Het grote waterglas blijft voortaan in de kast. In plaats daarvan staat het Kikker-glas op het aanrecht, een kinderglas, dan weet ik welke van mij is. De doppers, altijd in de koelkast, sla ik niet meer in een paar teugen achterover. Eerst gaat het water in het glas, daarna neem ik er kleine slokjes van.
Dit probleem kent een lang verleden. Toen ik begon met lithium drukte men mij op het hart vooral voldoende te drinken. Ik kreeg ook een drogere tong, een bekende bijwerking. Het is uitgemond in overmatige consumptie en de vraag of die nog in te tomen is. Over een paar maanden gaat er opnieuw een dag plas naar het lab, een interessant meetmoment.
Als het meezit hoef ik niet meer zo vaak naar de wc. Zeker tijdens uitjes en op reis zal dat een groot verschil maken. Misschien kan ik ook weer zonder zorgen naar het theater of naar de bioscoop.
Daarnaast ga ik mijn zoutinname beperken, nodig voor de nieren. En de lever kan op verlichting rekenen. Ik stop helemaal met alcohol. Het wordt een treintje; wagonnetjes aankoppelen en gaan. Ik ben benieuwd wat de meeste problemen gaat opleveren, waar de grootste terugval zit en hoe die zich manifesteert.
Het bier is een grote kanshebber om hoog te eindigen. Het is ongezond, zeker voor mij met de medicatie die ik slik. Ik heb het lang weggewuifd met de gedachte dat een mens ergens aan dood moet. Een beetje genieten in de resterende tijd staat voorop. De meeste biertjes smaken me ook goed. De bijkomende lichte roes is welkom. Die geeft soms net wat verzachting aan het eind van de dag, of helpt bij sociaal contact. Er zit echter een grote maar aan en die betreft het maathouden. Bij bier verzin ik steeds een regel, bijvoorbeeld alleen voor het weekend in huis halen. Het is opvallend dat weekenden steeds vaker op woensdag beginnen. Die strijd, het afwegen van wel of niet, toegeven aan de zucht of hem negeren, ben ik zat. Daar zit de voornaamste motivatie.
Ik heb bedacht dat het een tijdje moeilijk zal zijn. Mijn hoop is dat daarna geleidelijk de behoefte verdwijnt. Ik teken er ook voor als die er af en toe nog is. Met roken is het zo gegaan, inmiddels 13 jaar geen sigaret aangeraakt. Ik weet wat me te doen staat. Succes helaas niet verzekerd. Toch voelt het als meer dan zomaar een poging.