Grienen

Ik heb in dit leven al heel wat moeten leren accepteren. Als je me echter vraagt hoe ik dat heb gedaan, dat accepteren, dan heb ik daar geen volledig antwoord op. Misschien heeft het te maken met mild zijn, voor wat me overkomt en hoe ik daarop reageer, dat als het ware omarmen. Dan nog is de vraag hoe ik dat doe. Het is nogal vaag. Ondanks de terminologie blijft het ongrijpbaar hoe je zowel wat je liefhebt als wat je liever niet hebt, omarmt.

In de afgelopen maanden ontvouwde zich een manier om meer grip te krijgen.

Een vriendin had me verteld dat ze soms een hele dag door moest huilen en vroeg of ik het ook weleens deed. Nauwelijks. Haar idee was dat ik een beetje van haar nam en zij wat van mij, zodat er meer evenwicht zou zijn. Kort daarop was ik bij een onlinebijeenkomst van een cursus, waarbij zijdelings ter sprake kwam dat het goed is om geregeld te huilen en dat je dat ook kunt leren. Uit mijn geheugen diepte ik daarna een videotweeluik op van vriend Piet. Hij filmt zichzelf en is in de ene video aan het lachen en in de andere huilt hij, kennelijk ‘op commando’. Bij elkaar bracht het me ertoe dat ook te willen leren.

Op internet vond ik tips: begin met diep zuchten, slik niets weg, zet toepasselijke muziek op, heb geduld. Aan dat laatste ontbrak het me, het ging me niet snel genoeg. Ik nam daarom per mail contact op met een coach die zich profileert op de website lerenhuilen.nl. Best openhartig geweest, je kent me. Er kwam geen antwoord, ook na weken niet. Ik nam niet de moeite hem nogmaals te schrijven. Mijn eigen routine moest het doen.

Heel makkelijk blijkt het niet. Maar het gaat. Een paar keer per week zonder ik me af en begin ik met zuchten. De laatste tijd staat er steevast muziek bij aan, het Stabat Mater van Pergolesi. Een timer zorgt ervoor dat ik niet eindeloos ween. En dan maar denken aan wat me verdriet. Het ligt voor de hand om te beginnen met de kleine dingetjes van de dag die tegenzitten. Gaandeweg komen grotere onderwerpen aan bod, zoals, ik noem maar wat, het onstuitbare voorbijgaan der dingen. Een enkele keer wellen er tranen op van geluk. Zo kom ik er goed achter waar het gevoel zit. Het is regelrecht verwerken, en omarmen.

En het was slechts begonnen om wat vocht uit mijn ogen te krijgen. Dat schijnt op zich al gezond te zijn. Als het gebeurt is de sessie geslaagd. Ik heb nog een weg te gaan voor ik een overtuigend potje kan zitten grienen. Het begin is er. Ik heb zomaar het idee dat door op gezette tijden de sluisdeuren open te zetten, ik daarbuiten wat opgewekter kan zijn. Of dat echt zo is, weet ik nog niet.

Schiermonnikoog

Ineens was er ruimte om de dingen, meer dan anders, te ervaren zoals ze waren. Ik liep daar als een kind. Zag de wind in de boomkruinen, de wolken voorbijdrijven, de zon in het riet. Er vloog een stel eenden op uit de vijver. Ik genoot van dit onverwachte, maar vatte het ook direct op als een signaal. De herinnering aan, of beter gezegd het gevoel van een wandeling vanuit een psychiatrische kliniek, willekeurig welke, piepte mijn bewustzijn binnen.

Drie weken terug was ik in overleg met de huisarts gaan morrelen aan mijn goddelijke mix van medicijnen. Gezien de bloedspiegel leek de lithium een halve tablet minder te kunnen. Dan zou het trillen van mijn handen, naast veel dorst en vaak moeten plassen de voornaamste bijwerking, mogelijk afnemen.

Terugkijkend liep ik al weken rond met tristesse, om niets. In de eerste week na het minderen zakte mijn stemming verder af: neerslachtige buien. Ik kon, afgaand op reacties hier en daar, niet anders dan mijn verdriet aan de buitenkant dragen. In week twee gaven mensen regelrechte waarschuwingen. Die speelden mee in de overweging om het voor deze week geplande bezoek aan Schiermonnikoog al dan niet door te laten gaan.

Het lijkt een goed besluit te zijn geweest om niet te gaan. Mogelijk zou het tot de mooiste plek van Nederland verkozen eiland teveel van het goede zijn geweest. Aan de andere kant kan schoonheid me blijkbaar overal overvallen. Ik hou het even bij wandelingetjes in het park. Mooi genoeg voor nu.